Vingerhoed, met opening aan de bovenkant

Vingerhoed gemaakt van een koperlegering. De vingerhoed werd om de top van de duim of vinger gebruikt ter bescherming tijdens naaiwerkzaamheden. Dit object is enigszins taps toelopend, met een opening aan de bovenkant en een ruitpatroon of -reliëf aan de buitenkant. Deze soort objecten werd bij het bewerken van textiel of leer gebruikt. Of door zeilmakers bij het maken of repareren van zeilen. Vondst uit VOC-scheepswrak ‘t Vliegend Hert, gezonken in 1735. Collectie RCE.

Dit object is in 2002 opgedoken; met vondstnummer 2002 A1000.

Locatie

B13

Objectnaam

vingerhoed

Datum

2002

Informatie

Hoogte

1.4 cm

Diameter

2 cm

Gewicht

4 gram

Materiaal

koperlegering

Objectnummer

MMZ18411

Vondstnummer

2002 A1000

Locatie

B13

Objectnaam

vingerhoed

Datum

2002

Ontdek ook

Grote gesp voor een schouderbandelier

Grote gesp, gemaakt van een koperlegering. De gesp werd gebruikt voor een schouderbandelier, een brede draagriem of band over de schouder en borst. Bijvoorbeeld om een sabel of degen in te dragen. Het binnendeel is open en is verdeeld in twee delen, met in het midden de gespsluiter. Ter decoratie is een vrouwenkop op de bovenrand gemaakt. Aan de zij- en onderkant zijn onder andere bladeren, krulmotieven en de Sint Jacobsschelp te zien. De Sint Jacobsschelp staat in de christelijke symboliek voor wedergeboorte. Vondst uit VOC-scheepswrak 't Vliegend Hert, gezonken in 1735. Te zien in de vaste presentatie Ga mee naar zee, ruimte Bepakken en bemannen. Dit object is in 1984 opgedoken; met vondstnummer 79. VII.

Kleine olielamp met tuit

Klein, rond, messing olielampje met tuit en pit voor de verlichting. Het lampje heeft een stopper en ring aan de bovenkant. Een deel van het ketting waarmee de stopper aan het lamp werd bevestigd is ook zichtbaar. Het voetstuk is van roodkoper en mogelijk later toegevoegd. Vondst uit VOC-scheepswrak 't Vliegend Hert, gezonken in 1735. Dit object is in 2000 opgedoken; met vondstnummer 2000 A0508.

Monogramstempel of zegelstempel

Zegelstempel, gemaakt van een koperlegering of messing. Het object heeft een decoratief bovenstuk en een ronde, platte stempel met initialen. Mogelijk zijn dit de letters G D V, maar de toekenning is onzeker. Dit zou kunnen verwijzen naar (opper- of onder)koopman Gijsbert de Vroe uit Goes. Een zegelstempel werd gebruikt samen met zegellak voor het verzegelen van brieven. Zo werden de initialen van de afzender in de zegellak gedrukt en de authenticiteit gewaarborgd. Vondst uit VOC-scheepswrak 't Vliegend Hert, gezonken in 1735. Dit object is in 1989 opgedoken; met vondstnummer 1989.0313.   'Tussen de vele honderden vondsten die inmiddels geborgen zijn uit het wrak bevond zich ook een kleine stempel van messing met een gekroond monogram … De herkenbaarheid van de sterk met elkaar vervlochten letters leverde echter meer problemen op dan men zo op het eerste gezicht zou verwachten… Van de lijst namen komen als eigenaar/gebruiker eigenlijk maar drie personen in aanmerking: schipper Cornelis van der Horst, de Raad van Justitie Jan Douw en de onderkoopman Gijsbert de Vroe. Het is niet mogelijk om hun, met een kroon getopte, initialen in het monogram te lezen… De mogelijkheid bestaat echter [ook] dat het stempel op bestelling gemaakt is voor iemand in de Oost en dat het zicht daarom aan boord van ’t Vliegend Hart bevond.’ Citaat uit ‘Zegelstempels en Zegelringen’ van H. Hendrikse (2003); p.72-73. Tijdens recent onderzoek door Gerhard de Kok (Kwartiermaker Netwerk Maritieme Bronnen, Huygens Instituut), is een brief in de monsterrollen van ’t Vliegend Hert gevonden die aan boord geschreven is door onderkoopman Gijsbert de Vroe, gedateerd 22 jan 1735. Deze is verzegeld met een monogramstempel. Op het eerste aanzicht blijken deze twee objecten, monogramafdruk en zegelstempel MMZ2989, niet hetzelfde te zijn. Tot nu toe is er ook nog geen fysiek onderzoek gedaan om deze twee objecten met elkaar te vergelijken. Verder onderzoek loopt nog. Hopelijk wijst dit ook uit of De Vroe opper- of onderkoopman was.