Kardoeskoker of patroonhuls

Kardoeskoker of patroonhuls, gemaakt van roodkoper. Het object is een open koker met een platte en een gescheurde kant. Er is een naad zichtbaar over de gehele lengte en er zitten twee bevestigingspunten voor de touwhandgreep. In deze koker werd de kruitlading, een zak van perkament met kruit opgeborgen in een tweede koker van hout. Dit was voor het vervoer van de kruitkamer naar het geschut. Daar wordt de kruitlading gebruikt bij het afvuren van het kanon. Vondst uit VOC-scheepswrak ‘t Vliegend Hert, gezonken in 1735. Collectie RCE.

Dit object is in 2002 opgedoken; met vondstnummer 2002 A2025.

Vondstjaar

2002

Informatie

Objectnummer

MMZ18455

Vondst

Vondstnummer

2002 A2025

Vindplaatscode

B2-a

Museumcollectie

Maritiem Muzeeum Zeeland

Vondstjaar

2002

Specificaties

Hoogte

37.5 cm

Diameter

10.5 cm

Gewicht

678 gram

Materiaal

roodkoper (CHT)

Ontdek ook

Collectie objecten MuZEEum Vlissingen

Kanonskogel van 2.2 kg

Grote kanonskogel van gietijzer, met een gewicht van 2.2 kg. Dit bolvormige, massieve projectiel van ijzer diende met voorlaadkanonnen te worden afgevuurd. Vondst uit VOC-scheepswrak 't Vliegend Hert, gezonken in 1735. Te zien in de vaste presentatie Ga mee naar zee, ruimte Bepakken en bemannen.

Patroontas, binnen deel

Binnendeel van een patroontas, gemaakt van een koperlegering. Het is licht gebogen met twee kleine, vierkantige gaatjes. De patroontas is samengesteld uit twaalf langwerpige, (gesoldeerde) ronde patroonbuizen. Een lange kant is hoger, met diverse kleine gaten, mogelijk voor het vastzetten aan het lederen omhulsel. Het geheel was met leer omhuld, met een leren deksel en had een draagriem, ook van leer. De patroonbuizen konden twaalf patronen bevatten van gerold papier met een musketkogel. Dit was onderdeel van de uitrusting van onder andere soldaten aan boord. Vondst uit VOC-scheepswrak 't Vliegend Hert, gezonken in 1735. Collectie Rex Cowan. Dit object is in 1991 opgedoken; met vondstnummer 91A0086 onderdeel 3.

Schuifstang met ronde kop van smeedijzer

Een lange spijkerbout van smeedijzer, met een grote ronde moer of kop. Waarschijnlijk werd deze onder andere bij de leggers op de kiel gebruikt. Het was een onderdeel van verschillende soorten spijkerbouten en ijzerbeslag die gebruikt worden bij de bouw van een schip. Er waren veel verschillende spijkers en spijkerbouten nodig in de scheepsbouw tijdens de zeventiende en achttiende eeuw. Ze werden ook als reserveonderdelen meegenomen. Vondst uit scheepswrak 't Vliegend Hert, gezonken in 1735. Collectie RCE. Te zien in de vaste presentatie Ga mee naar zee, ruimte Schepen bouwen. Dit object is in 2002 opgedoken; met vondstnummer 2002 A1047.