Musketkogels, of rond kogels, standaardmaat

Ronde kogels of musketkogels van lood. Deze werden gebruikt in een musket (handvuurwapen). Voor het maken van kogels werd lood in een kogelmal of -vorm gegoten en geclassificeerd op grootte. Daarna werden ze voor gebruik in onder andere de patroontas opgeborgen. Dit was onderdeel van de uitrusting of benodigdheden van onder andere soldaten aan boord. Vondst uit VOC-scheepswrak ‘t Vliegend Hert, gezonken in 1735. Te zien in de vaste presentatie Ga mee naar zee, ruimte Bepakken en bemannen.

Dit object is in 1982 opgedoken; met vondstnummer 0030.

Vondstjaar

1982

Informatie

Objectnummer

MMZ6254

Vondst

Vondstnummer

0030

Vindplaatscode

B2A spant 3 midden

Museumcollectie

Maritiem Muzeeum Zeeland

Vondstjaar

1982

Specificaties

Diameter

1.7 cm

Gewicht

19 gram

Materiaal

lood (CHT)

Ontdek ook

Collectie objecten MuZEEum Vlissingen

Kanonskogel van 2.2 kg

Grote kanonskogel van gietijzer, met een gewicht van 2.2 kg. Dit bolvormige, massieve projectiel van ijzer diende met voorlaadkanonnen te worden afgevuurd. Vondst uit VOC-scheepswrak 't Vliegend Hert, gezonken in 1735. Te zien in de vaste presentatie Ga mee naar zee, ruimte Bepakken en bemannen.

Patroontas, binnen deel

Binnendeel van een patroontas, gemaakt van een koperlegering. Het is licht gebogen met twee kleine, vierkantige gaatjes. De patroontas is samengesteld uit twaalf langwerpige, (gesoldeerde) ronde patroonbuizen. Een lange kant is hoger, met diverse kleine gaten, mogelijk voor het vastzetten aan het lederen omhulsel. Het geheel was met leer omhuld, met een leren deksel en had een draagriem, ook van leer. De patroonbuizen konden twaalf patronen bevatten van gerold papier met een musketkogel. Dit was onderdeel van de uitrusting van onder andere soldaten aan boord. Vondst uit VOC-scheepswrak 't Vliegend Hert, gezonken in 1735. Collectie Rex Cowan. Dit object is in 1991 opgedoken; met vondstnummer 91A0086 onderdeel 3.

Schuifstang met ronde kop van smeedijzer

Een lange spijkerbout van smeedijzer, met een grote ronde moer of kop. Waarschijnlijk werd deze onder andere bij de leggers op de kiel gebruikt. Het was een onderdeel van verschillende soorten spijkerbouten en ijzerbeslag die gebruikt worden bij de bouw van een schip. Er waren veel verschillende spijkers en spijkerbouten nodig in de scheepsbouw tijdens de zeventiende en achttiende eeuw. Ze werden ook als reserveonderdelen meegenomen. Vondst uit scheepswrak 't Vliegend Hert, gezonken in 1735. Collectie RCE. Te zien in de vaste presentatie Ga mee naar zee, ruimte Schepen bouwen. Dit object is in 2002 opgedoken; met vondstnummer 2002 A1047.